Woord van de dag: IJspret

Nu de vorst is verdreven, is het gedaan met de ijspret waarover je de afgelopen week in de weerberichten veel hoorde. Maar waarom spreken we eigenlijk altijd over “ijspret” en nooit over “ijsplezier”? Misschien heeft het te maken met een nuanceverschil. Gevoelsmatig komt er voor mij bij “pret” meer lawaai, geschreeuw en snoepgoed kijken, en is “plezier” een wat rustiger (maar niet minder welgemeend) genoegen. Of zou er een andere verklaring zijn?